Caterpillar, wereldwijd marktleider op het gebied van grondverzetmachines, viert dit jaar haar 100-jarig bestaan. De fabrikant onderscheidt zich met technologie die bijdraagt aan meer productiviteit, veiligheid en duurzaamheid.
De omzet van Caterpillar bedroeg 64,8 miljard dollar in 2024. Een bedrag waaraan de oprichters van het Amerikaanse bedrijf zelfs in hun stoutste dromen vermoedelijk niet durfden te denken. Bovendien hadden Daniel Best en Benjamin Holt aan het eind van de negentiende eeuw wel belangrijkere zaken aan hun hoofd. Zij zochten naar manieren om stoomtractoren te verbeteren. Want deze zware machines kwamen gemakkelijk vast te zitten in zachte, drassige landbouwgrond en het was een hels karwei om ze dan weer los te trekken.
Holt monteerde in 1904 met scharnieren aan elkaar verbonden houten platen onder een tractor. Dit was het eerste ontwerp van een rupsband. Holt pionierde tijdens de Eerste Wereldoorlog verder met zijn rupsbanden, die een belangrijk onderdeel werden van de toen nieuwe tanks. Daniel Best werkte ondertussen aan een verbrandingsmotor en het chassis van de rupstractor, een voorloper van de bulldozer. Het leidde in 1925 tot de oprichting van een bedrijf dat nog steeds de naam Caterpillar (‘rups’ in het Nederlands) draagt.
Gele vlinder
De rups groeide al gauw uit tot een gele vlinder die de hele wereld over fladderde. Caterpillar is tegenwoordig op alle contineten actief en marktleider op het gebied van bouw- en mijnbouwmaterieel. Het bedrijf viert zijn honderdste verjaardag door vooral ook naar de toekomst te kijken. Journalisten van internationale vakmedia – waaronder Bouw & Aanbesteding – kregen onlangs op het Caterpillar-opleidings- en trainingscentrum in het Spaanse Malaga alvast een voorproefje van wat het bedrijf op Bauma, ‘s werelds grootste vakbeurs in de bouwsector, gaat laten zien. Daarbij draait het om innovatie, technologie, digitalisering en duurzaamheid.
Nieuwe uitdagingen
Het bedrijf richt zich hierbij op de uitdagingen waar de bouw anno 2025 voor staat. Waar Caterpillar boeren 100 jaar geleden hielp om hun stoomtractor niet in de modder te laten vastlopen, richt het zich nu op verbetering van veiligheid, productiviteit, procesoptimalisatie en efficiency op de bouwplaats. “Technologie is hiervoor de sleutel”, benadrukte Corné Timmermans in Malaga. Timmermans, vicepresident Sales en Marketing voor Europa, Afrika, Midden-Oosten en Eurazië, ziet ook dat “iedere klant zijn eigen reis maakt” op het gebied van CO2-reductie en andere verduurzamingsmaatregelen. “Dat zien we terug in onze productinnovaties, met machines die minder brandstof verbruiken, minder CO2 uitstoten en alternatieve energiebronnen zoals elektriciteit gebruiken. Iedere machine die Caterpillar vorig jaar produceerde is 100 procent duurzamer dan zijn voorganger.”
3D-technologie
Jaarlijks geeft Caterpillar ruim 2 miljard dollar, dat is bijna 4% van de omzet, uit aan R&D. Vorig jaar bracht het bedrijf meer dan 175 nieuwe producten op de markt. Steeds meer modellen krijgen hoogwaardige technologie aan boord. Zo wordt de nieuwe generatie graafmachines standaard voorzien van het zogenoemde Cat Payload, een tool die de machinist kan instellen om te voorkomen dat hij de truck te zwaar belaadt of juist onderbelaadt. Ook 3D-technologie is bij Caterpillar in opkomst. Zoals bij de graders met 3D, waarmee de machinist het wegdek nauwkeurig kan egaliseren met behulp van realtime satellietpositionering.
Waarschuwingssignalen
In Malaga was er ook een presentatie over Cat Detect, een systeem dat de veiligheid van de machinist en mensen rondom de machine moet vergroten. Als de camera’s op de machine een obstakel of een persoon waarnemen waarbij een gevaarlijke situatie kan ontstaan, dan brengt Cat Detect de machine onmiddellijk tot stilstand. Ook houdt Cat Detect binnen de cabine een oogje in het zeil. Sluit de machinist zijn ogen en blijven die ogen ook dicht? Kantelt het hoofd van de machinist en lijkt hij in slaap te sukkelen? Cat Detect slaat dan alarm en trekt bij de werkgever aan de bel. Caterpillar verstuurde vorig jaar wereldwijd 1,2 miljoen van deze waarschuwingssignalen. Want er zijn landen waar machinisten extreem lange werkdagen maken van soms 13 uur. Hun reisuren komen daar nog eens bovenop.
Uit de gevarenzone
Caterpillar investeert ook stevig in Cat Command, een andere innovatie op het gebied van veiligheid. De machinist zit hier niet meer in zijn machine, maar werkt vanuit het ‘command station’ waar hij op afstand een bulldozer, graafmachine of wiellader bedient. De cabine-achtige werkomgeving lijkt op een videogame in een spelletjeshal waar jongeren zich even vliegtuigpiloot of autocoureur kunnen wanen. De command stations kunnen op comfortabele, overdekte locaties worden geplaatst, hetzij op locatie of op vele kilometers afstand. Het systeem is dan ook bedoeld om de machinist uit de gevarenzone te halen wanneer de omgeving risicovol is. Pon Equipment, dealer voor Caterpillar in Nederland, heeft Cat Command al aan bedrijven in de industrie en afvalverwerking verkocht. Ook is er interesse vanuit de baggerij, om blootstelling aan Tweede Wereldoorlog-munitie te voorkomen.
Emissieloos materieel
Ook duurzaamheid is een thema waarop Caterpillar zich steeds nadrukkelijker richt. Het bedrijf liep niet meteen voorop met de ontwikkeling van emissieloos materieel, maar inmiddels brengt het wat meer elektrische modellen op de markt. Daarnaast onderzoekt het bedrijf de mogelijkheden van alternatieve energiebronnen als waterstof. “Bezoekers van de Bauma in München gaan bij Caterpillar meer geëlektrificeerde oplossingen zien”, zegt Joris van Dijk, Sustainable solutions-manager bij Pon Equipment.
Omgebouwd naar elektrisch
Samen met Noorwegen loopt Nederland binnen Caterpillar voorop met de ontwikkeling van elektrisch materieel. Dat heeft alles te maken met de markt die hierom vraagt, stelt Van Dijk vast. “Samen met de Noren hebben we daarom onze graafmachines van 10, 20 en 30 ton omgebouwd en voorzien van een batterij. De 20-tonner is het meest bekende model; die wordt tijdens de Bauma vervangen door een elektrische 20-tonner die kant en klaar uit de fabriek komt. We blijven zelf elektrische 10- en 30 ton-graafmachines converteren waarbij we ook de batterijen en laadpalen leveren.”
